Aderen der overgangs

Afgelopen weekend is er, in het selecte gezelschap dat zich Proteuslicht mag noemen, iemand opgeklommen tot de regionen der Overgangs. Namelijk ondertekende.

Waar roeiers in hun eerste jaar onderaan de ladder van Proteuslicht binnenkomen, mogen zij in hun tweede jaar een poging doen zich te ontdoen van anonimiteit van ‘één van de acht’. En mocht je als roeier het gevoel hebben dat je dan in een vier- nog steeds niet genoeg in de schijnwerpers staat, is de optie om wat roeiers te lozen en door te gaan in een twee. Als dit plan dan uiteindelijk is uitgevoerd kan het het zo maar zijn dat je, zonder goed te roeien, zomaar een overgangspakje komt aanwaaien. Want dat hard trainen en een goede race varen randvoorwaarden zijn om overgangs te worden, is natuurlijk niet meer dan een fabel, bedacht om te talentlozen bezig te houden.

Waar het dan wel om gaat? Nlroei wist vorig jaar een foto te bemachtigen waarop het geheim te zien is, herinnert u zich de aderen der Arnoud nog? Inderdaad, het antwoord is aders. De vraag die je jezelf moet stellen is niet: roei ik hard genoeg? Maar eerder: zijn mijn aders indrukwekkend genoeg om in een pakje te showen. Mocht je na het gebruikelijke crashen voor de weging en suikers pompen erna nog steeds geen aders kunnen vinden op je bovenarmen, een laatste gouden tip. Drink de avond voor je wedstrijd een paar biertjes, het liefst 4 à 5 liter, spoelt lekker door en je zult wakker worden met de aders nodig om je tegenstanders te verslaan. Bewijs is meegeleverd.

Aders

Reacties